Wanneer je ertegen op kijkt om je kinderen van school te halen. Als je op voorhand al ‘bang’ bent voor het geween en gezeur de komende twee uur, dan is het hoog tijd om een oplossing te zoeken.

Na schooltijd zijn de kinderen moe: Een dagje flink luisteren en actief spelen heeft hen uitgeput.
Hierdoor worden zelfs de kleinste dingen een enorme hindernis. Taakjes die ze perfect zelf kunnen, willen ze ineens niet meer uitvoeren. Zoals hun jas aan de kapstok hangen, de boekentassen uitladen of zelfs maar in de auto gaan zitten om naar huis te rijden.

Uit het verleden weet ik dat systemen als een beloningskaart of afsprakensysteem altijd maar tijdelijk werken. De ‘magie’ is er al snel vanaf voor de kindjes. Toch wil ik het nog een keertje proberen.

Wie niet waagt, niet wint!

Voor ik aan de kaart begonnen ben, heb ik eerst opgelijst wat de problemen en ergernissen zijn. Een viertal verwachtingen aan een kind stellen is zowat de richtlijn, anders onthouden ze het toch niet. Verder moeten de regels uiteraard duidelijk zijn.

Flink in de auto stappen en rustig mee naar huis rijden.

Zelf je jas aan de kapstok hangen en je schoenen in de kast zetten.

Zelf je boekentas uitladen in de keuken en dan de boekentas in de kist leggen.

Deze drie regels zijn duidelijk, beperkt in tijd én meer dan haalbaar voor een kind van drie of vijf jaar.

Uiteindelijk heb ik besloten om nog twee extra regels te maken. Eén van deze regels is erg breed en daarom zeker voor de jongste niet zo duidelijk als zou moeten. Daar ben ik me van bewust, maar toch zou ik via onderstaande extra regels de kinderen enigszins willen bijbrengen wat de begrippen ‘flink’ en ‘stout’ inhouden. Net zoals ze de betekenis van ‘goed’ en ‘slecht’ ook moeten leren via ondervinding en duizenden voorbeelden.

Flink spelen: rustig, zonder ruzie, elkaar niet uitdagen, alleen kunnen spelen.

Opruimen

Bovenaan het schema heb ik de dagen van de week staan. Hiervoor maak ik gebruik van dezelfde pictogrammen als in de klas.

Telkens een activiteit succesvol is afgerond, mogen de kinderen een stempel zetten. Hoewel ze dit heel leuk vinden, is dat op zich ook weer niet voldoende beloning om ze blijvend te motiveren hun taakjes consequent uit te voeren. Ze kunnen dan ook de hele dag stempelen: op school stempelen ze al hun taakjes en thuis ligt de crea-kast vol stempels.

Het is niet mijn bedoeling om ze extra te gaan verwennen voor het uitvoeren van taken die ik als normaal en dagdagelijks beschouw. Daarom heb ik twee beloningen bedacht die ze nu ook al in hun leven hebben. Voor de eerste drie taakjes krijgen ze na het eten, als ze flink eten, een dessertje. Dit kan bijvoorbeeld een yoghurtje, koek, pudding of snoepje zijn.
De andere twee worden beloond met tien minuten langer mogen opblijven ‘s avonds.

De taken van deze beloningskaart noemen we thuis ‘moetjes’, net zoals op school. Er zijn ook ‘magje’s, meer hierover vind je terug in het artikel Moetjes en magjes.